De zweepslag
door Frank Nusse
Een veel voorkomende sportblessure is een zweepslag. Hiermee wordt bedoeld
een acuut optredende spierscheuring. Dit komt voornamelijk voor in de kuitspier,
maar ook in de bovenbeenspieren en de liesspieren.
Overigens scheurt niet de gehele spier, maar een gedeelte ervan.
Door een verkeerde coordinatie in de spier, wordt deze als het ware misbruikt
in zijn functies. Zweepslagen komen alleen voor in spieren, die meerdere functies
bezitten. Zo heft de kuitspier niet alleen de voet, maar buigt hij ook de knie.
Deze verkeerde coordinatie wordt in de hand gewerkt door onvoldoende warming-up
en rekoefeningen, door een koude omgevingstemperatuur en door onvoldoende kracht
van de spier.
Bij voetballers wordt regelmatig een spierscheuring gezien in de bovenbeenspieren
aan de voorzijde, de zogenaamde quadricepsspier. Bij sprinters in de atletiek
is de spierscheuring van de hamstrings berucht, de spieren aan de achterzijde
van het bovenbeen. Schaatsers lopen spierscheuringen op van de liesspieren,
vooral bij het maken van een explosieve start.
Is de spierscheuring dicht bij de aanhechting van de spier gelokaliseerd is
moet men altijd beducht zijn op een scheur in het peesgedeelte van de spier.
Zo wordt niet zelden een scheur van de achillespees gemist, die dan wordt aangezien
voor een spierscheuring van de kuit. Bij een scheur van de achillespees is de
behandeling echter geheel anders.
Bij twijfel daarover moet zeker snel deskundige hulp worden ingeroepen.
De genezing van een forse spierscheuring duurt zeker 6 weken, soms nog wel eens
wat langer. In die tijd moet zeker afgezien worden van een te snelle sporthervatting.
Bij de eerste behandeling op het sportveld dient goed gekoeld te worden om de
bloeduitstorting zo veel mogelijk te beperken.
De verdere genezing kan worden bevorderd door bepaalde oefeningen.
Zo kan na enkele dagen rust begonnen worden met voorzichtig uitgevoerde rekoefeningen.
Indien de pijn afneemt kunnen daar spierversterkende oefeningen aan toegevoegd
worden, die langzaam intensiever moeten worden. Begeleiding hierbij kan worden
gegeven door een (sport)fysiotherapeut.
Zo wordt voorkomen dat de gescheurde spier verzwakt en verkort.
Om weer volop te kunnen sporten moet de spier als het ware weer trekvast zijn,
zodat een herhaling uitblijft. Niet zelden treedt zo een herhaling op. Dit tast
de kwaliteit van de spier verder aan en kan blijvende gevolgen geven.
Uitermate belangrijk bij de preventie zijn een goede warming-up met veel rekoefeningen
van de betreffende spier.
Indien het normale genezingsproces stokt of zijn er blijvende klachten moet
deskundige hulp ingeroepen worden.


